Commissie spreekt vertrouwen uit in master Jeugdrecht
In de aanloop naar een Master Jeugdrecht, onder leiding van prof. Mariëlle Bruning, is weer een belangrijke stap gezet. Op woensdag 15 februari zijn de plannen voor de nieuwe masteropleiding door een externe commissie van deskundigen beoordeeld.
De commissie, onder leiding van de Tilburgse hoogleraar Vlaardingerbroek, sprak uitvoerig met diverse panels van o.a. docenten, studenten en het beroepenveld. Aan het eind van de dag liet de commissie weten dat zij onder de indruk was van de plannen en van het grote enthousiasme onder de gesprekspartners.
Voorlopige bevindingen
De taak van de commissie is om de NVAO (Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie) te adviseren inzake de accreditatie van de beoogde masteropleiding. Dat advies zal positief luiden, zo kondigde prof. Vlaardingerbroek aan toen hij de voorlopige bevindingen van zijn commissie presenteerde. Hij sprak zeer lovend over het enthousiasme en de gedrevenheid van de staf en studenten. Zij maken het verschil bij de master Jeugdrecht.
De commissie gaf nog wel enige aandachtspunten mee voor de nieuwe opleiding. Zo constateerde de commissie dat er bij de beroepsgroep veel enthousiasme bestaat voor de master. Het beroepenveld wil graag een rol in het onderwijs vervullen. Maar hoe dat nu in de praktijk handen en voeten moet krijgen, is nog onvoldoende duidelijk, aldus de commissie.
Prof. Bruning liet in een reactie weten “enorm blij” te zijn met de positieve bevindingen van de commissie. “Dit is toch een dag waar we lang naar toe hebben gewerkt”. De direct betrokkenen gaan nu met de inhoudelijke opmerkingen aan de slag om het programma verder te versterken.