Wetenschappelijke integriteit
Op vele maatschappelijke terreinen groeit de aandacht voor naleving van gedragsnormen en integriteitsvraagstukken. Kenmerkend voor deze groeiende aandacht is dat organisaties zelf aan de slag gaan om binnen hun eigen gelederen aandacht te vragen voor fatsoenlijk gedrag in brede zin, maatregelen nemen om het bewustzijn daarvan te vergroten en eventueel zelfs tot 'sancties' over te gaan indien men zich niet aan de normen houdt.
Deze tendens strekt zich uit over publieke en private organisaties. Als we kijken naar de wereld van de juridische beroepen zien we bijvoorbeeld dat er reeds vele jaren een gedragscode bestaat voor de advocatuur met daaraan verbonden klachtregelingen en tuchtrechtspraak. Voor het Openbaar Ministerie en de Zittende Magistratuur zijn deze ontwikkelingen wat korter zichtbaar, maar inmiddels ook uitgewerkt in gedragscodes.
Het is dan ook niet verbazingwekkend dat ook binnen universiteiten de aandacht voor dit type vraagstukken de afgelopen jaren is gegroeid. Daaraan is al daadwerkelijk vorm gegeven met de totstandkoming van diverse notities, codes en reglementen, die een goed overzicht geven van de gedragsnormen waaraan u zich als wetenschapper hebt te houden, alsmede van de regelingen en procedures die kunnen worden ingezet bij het overtreden van die normen.
Het is van groot belang dat u zich als wetenschappelijk onderzoeker het bestaan van die normen realiseert en die ook naleeft. De ervaring leert dat onderzoekers zich hun kwetsbaarheid op dit terrein niet altijd realiseren. Dat besef treedt veelal pas in als er een probleem is ontstaan en het kwaad al is geschied.
Aangeschept beleid wetenschappelijke integriteit
De wetenschappelijke gemeenschap neemt schendingen van de wetenschappelijke integriteit zeer ernstig. Universiteiten doen er al het mogelijke aan schendingen te voorkomen en te traceren. Dat de bestaande mechanismen en procedures om de integriteit te bewaken niet onfeilbaar zijn, is gebleken. In juni 2012 publiceert de VSNU een meer uitgebreid en aangescherpt beleid op de website. Een modelregeling klachtenregeling, een overzicht met definities van schendingen, een voorbeeld preventiebeleid, een aanscherpte Code Wetenschapsbeoefing en de publicatie van de geanomiseerde schendingen vormen hiervoor de basis
Leidse regeling
Binnen de Universiteit Leiden geldt op basis van deze afspraken de Regeling Wetenschappelijke Integriteit Universiteit Leiden, waarbij een Commissie Wetenschappelijke Integriteit wordt ingesteld, en een klachtenregeling wordt geregeld.
In geval van een vermoeden van schending kunt u volgens de procedure die in deze regeling is vastgelegd een klacht bij de deze commissie aanbrengen. Het staat u overigens vrij de kwestie eerst voor te leggen aan uw wetenschappelijk directeur of de decaan. Het secretariaat van de commissie is gevestigd bij het Bureau Juridische zaken van de Universiteit, Rapenburg 70.
Documenten
Voor u – als onderzoeker van de faculteit rechtsgeleerdheid – kan de volgende informatie van belang zijn:
-
Notitie Wetenschappelijke Integriteit, 2001
Over normen van wetenschappelijk onderzoek en een Landelijk Orgaan voor Wetenschappelijke integriteit, opgesteld door de KNAW, NWO en de VSNU. -
Advies van de Sociaal-Wetenschappelijke Raad, 2003
Gedragscode voor gebruik van persoonsgegevens in wetenschappelijk onderzoek, uitgegeven door de KNAW. -
Nederlandse Gedragscode Wetenschappelijk Onderzoek, 2004
Uitgegeven door de VSNU (Nederlandse en Engelse versie) - Universiteit Leiden - wetenschappelijke integriteit
- Klachtenloket
Landelijk Orgaan voor Wetenschappelijke Integriteit
Er bestaat een Landelijk Orgaan voor Wetenschappelijke Integriteit (LOWI). Dit orgaan kan op basis van zelfbinding van de instellingen van onderzoeksorganisaties een rol vervullen bij geschillen die de wetenschappelijk integriteit van onderzoekers en onderzoeksorganisaties aangaan. De procedures lopen via de universiteiten, waar een vertrouwenspersoon of vertrouwensinstantie wordt aangesteld waaraan vermoede inbreuken op de integriteit kunnen worden voorgelegd.
In het geval van een vermoeden van overtreding van dit reglement, kunt u een klacht indienen bij de commissie in overeenstemming met de procedure van dit reglement. U bent vrij om de zaak op de eerste plaats aan uw departementale voorzitter of de decaan van de faculteit voor te leggen. Het secretariaat van de commissie ligt op de afdeling Juridische Zaken van de Universiteit Leiden, Rapenburg 70. De voorzitter van deze commissie is prof. mr. J.H. Nieuwenhuis.